Sociale werkplaatsen moeten dicht, maar gaan onder een andere vlag verder. Met veel slechtere arbeidsvoorwaarden.

Op www.Trouw.nl lazen we het onderstaande artikel:

De deuren van de meeste sociale werkplaatsen zijn helemaal niet dicht. Sinds de komst van de Participatiewet in 2015 mag officieel niemand er meer in. Via natuurlijk verloop moeten de sociale werkplaatsen (plekken waar mensen met een handicap onder begeleiding aan de slag kunnen) over een bepaalde tijd niet meer bestaan. Maar intussen stromen gewoon nieuwe arbeidsbeperkten de sociale werkplaatsen binnen, maar nu onder een andere naam: ‘beschut werk’, en onder slechtere arbeidsvoorwaarden.

Lees verder na de advertentie

 

“Het idee van de Participatiewet was dat iedereen, en dus ook alle mensen met een beperking, bij een reguliere werkgever aan de slag moeten”, legt Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt aan de Universiteit van Tilburg, uit. “Maar al snel werd duidelijk dat dat echt niet kan, en er voor de meest kwetsbare groep toch echt een vorm van beschut werk moest komen.”

Daarom kregen de gemeenten de opdracht om op termijn 30.000 mensen beschut werk aan te bieden. Dit kabinet heeft dat uitgebreid naar 50.000 plekken. De gemeenten ondernemen zelf echter nagenoeg geen actie. Slechts enkele honderden plekken beschut werk zijn er landelijk. En naar nu blijkt bijna allemaal ‘gewoon’ bij de sociale werkplaats.

Beschut werk is inderdaad een nieuwe naam voor iets wat al bestond

Jos Canton, secretaris-directeur Werkvoorzieningschap Noordoost-Brabant

Zelfde werk

Mensen op een beschutte werkplek doen hetzelfde werk als de mensen die al voor 2015 op de sociale werkplaats werkten. Met evenveel begeleiding, alleen voor een lagere beloning en zonder cao. De circa 90.000 mensen die nog onder de oude Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) vallen, krijgen een salaris dat kan oplopen tot 130 procent van het minimumloon. Ze bouwen pensioen op en krijgen reiskostenvergoeding. Wie onder de Participatiewet valt en werkt bij het sw-bedrijf op een beschutte werkplek krijgt maximaal 100 procent van het minimumloon, geen pensioen en geen reiskostenvergoeding.

“Beschut werk is inderdaad een nieuwe naam voor iets wat al bestond”, bevestigt Jos Canton, al meer dan twintig jaar secretaris-directeur van het Werkvoorzieningschap Noordoost-Brabant. “De sociale werkplaatsen waren te groot en te duur. Dus het moest voor minder mensen toegankelijk worden en goedkoper. Dat is gebeurd en dat noemen we nu ‘beschut werk’.”

Ook Jan-Jaap de Haan, directeur van de branchevereniging van sociaal werk, Cedris, beaamt dat. “Op dit moment ziet beschut werk er inderdaad nog niet anders uit dan werken bij het sociale werkbedrijf.” De sociale werkplaatsen moesten toch dicht? Daar was toch een sterfhuisconstructie voor bedacht? De Haan ontkent: “De stoel van een WSW’er die vertrekt, mag worden ingevuld door iemand die beschut werk doet.”

Er zat eigenlijk helemaal geen idee achter

Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt

Eerlijk

Maar gemeenten kregen toch de opdracht om niemand meer toe te laten op de sociale werkplaatsen en nieuwe beschutte werkplekken te creëren? Hoogleraar Wilthagen: “Dat was de boodschap ja. Maar dat was niet goed doordacht. Er zat eigenlijk helemaal geen idee achter. Gemeenten wisten niet wat te doen. Nieuwe gebouwen neerzetten om beschut werk te creëren? Waarom zou je dat doen als er al sociale werkplaatsen zijn? Dat doen ze dus ook niet.”

Het stoort Wilthagen wel dat daar niet open over is gecommuniceerd. “Wees er gewoon eerlijk over. Zeg dan ook: mensen op beschutte werkplekken doen hetzelfde werk als op een sociale werkplaats maar voor minder loon.” Is de naam ‘beschut werk’ bedacht om van de dure cao voor sociale werkplaatsen af te komen? “Nou, zo zou ik het niet formuleren”, reageert Cedris. “Als we zeggen ‘beschut werk is hetzelfde als sociale werkplaats’, dan krijg je stilstand. Dan ondermijn je de ontwikkeling die we hebben ingezet. Beschut werk moet ook tijdelijk kunnen zijn, als opstap.” Daarmee doelt De Haan op het streven om ­iedereen met een arbeidsbeperking bij een reguliere werkgever te plaatsen.