Kans dat SW-organisaties geld gebruiken voor eigen tekorten
In mei 2011 heeft staatssecretaris De Krom van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zijn nieuwe plannen met betrekking tot de hervorming van de ‘onderkant’ van de arbeidsmarkt bekend gemaakt. Zoals voorgenomen, worden de Wet Werk en Bijstand (WWB), de Wajong, de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) en de Wet Inschakeling Jongeren (Wet WIJ) samengevoegd in één nieuwe regeling: de Wet Werken naar Vermogen. Gemeenten moeten deze wet gaan uitvoeren. Door deze decentrale uitvoering, is het echter moeilijker te controleren waar het geld precies voor gebruikt wordt.
De bedoeling is dat door deze samenvoeging van wetten en budgetten meer mensen met een handicap aan het werk gaan bij reguliere werkgevers. Van de 95 duizend medewerkers in de sociale werkplaatsen, zullen er 66 duizend hun baan niet kunnen behouden. Aan deze SW-Bedrijven de schone taak om al deze mensen met vaak een forse arbeidsbeperking aan het werk te krijgen bij reguliere werkgevers. Die daar ondanks de mogelijkheid tot loondispensatie, vaak niet om staan te springen. Daarbij houden gemeenten en uitvoeringsinstanties vaak stevig de hand op de knip.
Hans van Grieken is directeur van re-integratiebedrijf Werkpad. ‘We merken nu al duidelijk veranderingen in het gedrag van het UWV’, merkt Van Grieken op. ‘De werkcoaches van het UWV zijn belast met het doorvoeren van ingrijpende bezuinigingen. Hoe dat precies vorm moet gaan krijgen, is nog niet exact bekend, maar er wordt in alles rekening mee gehouden. Wij merken dat bijvoorbeeld doordat uitkeringsgerechtigden van het UWV veel moeilijker bij Werkpad in een re-integratietraject kunnen komen.’
Een onwenselijke situatie, want werkzoekenden die een beroep doen op Werkpad hebben te maken een arbeidsbeperking die voor veel werkgevers niet te overzien is. En juist daarbij speelt het re-integratiebedrijf een cruciale rol. Van Grieken: ‘Zoals het er nu voor staat zal een groot deel van deze mensen geen werk vinden en langs de kant komt te staan, met alle maatschappelijke gevolgen van dien. Het is niet alleen een sociaal probleem maar ook een bedrijfseconomisch probleem, zeker wanneer de komende jaren de arbeidsmarkt volledig zal veranderen doordat de vraag naar arbeidskrachten enorm zal toenemen.’
Van Grieken staat niet alleen in deze gedachte. In een onderzoek van RadarAdvies onder wethouders, gemeentelijke directeuren en directeuren van sociale werkvoorzieningen geeft een meerderheid aan van mening te zijn dat de Wet Werken naar Vermogen de kansen op re-integratie verslechtert.
Van Grieken staat niet geheel afwijzend tegenover de plannen van de staatssecretaris maar hij voorziet problemen als het plan in zijn huidige vorm doorgevoerd wordt. ‘Het idee om wetten en de daaraan verbonden budgetten samen te voegen is uitstekend’, aldus Van Grieken. ‘Dit kan veel efficiency opleveren en, als het goed wordt uitgevoerd, ook aanzienlijke besparingen met zich meebrengen. De voorgestelde bezuinigingen die in het huidige voorstel worden opgelegd, zijn echter onevenredig hoog en zullen daarom averechts werken. Met als gevolg dat deze mensen, die vaak dolgraag willen werken, niet de begeleiding krijgen die ze nodig hebben. Ik heb veel vertrouwen in de mogelijkheden van onze cliënten maar ze komen niet zomaar bij ons terecht. Ze hebben hulp nodig om werk te vinden maar ook om dat werk te behouden.’
Door het samenvoegen van de budgetten, denkt Van Grieken dat het geld niet altijd daar komt waar het voor bedoeld is. ‘Om deze nieuwe wet te laten slagen, moet de overheid eerlijker en transparanter zijn dan ze nu is. De centrale overheid moet het re-integratiebudget oormerken. Alleen zo kan ze de lokale overheden dwingen om de re-integratie in te kopen bij deskundige en particuliere re-integratiebedrijven. Ik ben anders bevreesd dat de (publieke) SW-bedrijven deze re-integartiegelden zullen innemen om hun tekorten bij te spijkeren of om zelf de re-integratieactiviteiten uit te voeren, iets waarvan ze tot nu toe weinig resultaten hebben laten zien’, licht Van Grieken toe.
Voor de doelgroepen van Werkpad, mensen met beperkingen in horen, zien, taal en autisme, is gespecialiseerde begeleiding noodzakelijk om tot duurzame resultaten te komen. ‘Ik zie dat niet door SW-bedrijven tot stand komen. Wij zullen als Werkpad onszelf de komende jaren meer dan ooit moeten laten zien bij alle 418 gemeenten in Nederland.’